INTERVIEW Charles Esche De provincie Noord-Brabant wil via culturele samenwerking haar relatie met de Chinese zusterprovincie Jiangsu verbreden en verdiepen. De expositie Double Infinity van het Van Abbemuseum in Shanghai tijdens de Wereldtentoonstelling 2010 is daarvan een voorbeeld.

Shanghai World Expo 108

Commissaris van de Koning Wim van de Donk in gesprek met John Körmeling (rechts). Foto: ChinaCom

Het museum bewandelde voor Double Infinity een ongebruikelijke weg. Het bracht niet alleen kunstwerken uit de collectie in Eindhoven naar China. Als eerste Europees museum heeft het Van Abbemuseum zichzelf en zijn collectie opengesteld voor de reacties van kunstenaars die leven en werken in China.

Directeur Charles Esche van het Van Abbemuseum legt uit: ‘We hebben Chinese kunstenaars uitgenodigd om naar onze collectie te komen kijken. Zich te laten inspireren door de werken en de manier van denken van John Körmeling. De ontwerper van het Nederlands paviljoen Happy Street op de Wereldtentoonstelling. Vervolgens hebben we hen uitgenodigd met een bestaand of nieuw kunstwerk op werken uit de collectie van het museum te reageren. Die werken zijn samen met de originele kunstwerken tentoongesteld.’

Ook de vormgeving van de tentoonstelling is op die manier tot stand gekomen, vult adjunct-directeur Ulrike Erbslöh aan. ‘Een Chinese kunstenaar en architect heeft, vanuit zijn kijk op onze collectie, in de expositieruimte een dubbele lus in de vorm van een acht gecreëerd die oneindigheid symboliseert. Bezoekers zijn gedwongen altijd weer door het midden te lopen. Ze kijken daardoor steeds op een andere manier tegen de kunstwerken aan. Double Infinity is daardoor zelf bijna een sculptuur geworden’, aldus Erbslöh die het project heeft geleid.

Onderhandelen
In China actief zijn op het culturele vlak vergt veel tijd en geduld. ‘Je bent constant aan het onderhandelen’, blikt Erbslöh terug. Op het gebied van planning bijvoorbeeld. ‘Chinezen denken op korte termijn. Heel veel problemen worden opgelost door extra mankracht in te zetten. Dat zou hier te kostbaar zijn. Elke keer denk je weer dat het niet op tijd goed zal komen. En uiteindelijk haal je altijd je doel. Die Chinese manier van werken is wel heel erg wennen.’

Beleefdheid is een andere overheersende factor in China. Erbslöh neemt de productie van de prachtige, drietalige catalogus als voorbeeld. ‘Het was ons initiatief. Wij gingen richting Shanghai. Vanzelfsprekend, in onze ogen, zou een foto-essay van Eindhoven de opening van het boek zijn. Maar het werd ons duidelijk gemaakt dat dat onbeleefd is naar de Chinezen toe. Dus nu staat het foto-essay van Shanghai voorin en ligt “Eindhoven” achterin’, zegt Erbslöh nog steeds met een verbaasde glimlach dat het zo is gelopen.

Chinese partner
In de volgorde van de talen heeft ze wel haar zin doorgedrukt. ‘Als eerste de Nederlandse tekst, dan de Engelse en daarna de Chinese. Het Engels slaat symbolisch een brug van Eindhoven naar Shanghai.’ Het Van Abbemuseum heeft op basis van 50/50 samengewerkt met Arthub Asia dat al geruime tijd in China actief is. Erbslöh: ‘Zonder Chinese partner weet je de juiste weg niet om tot resultaat te komen. Ook begrijp je de context waarin je actief bent maar gedeeltelijk. Arthub Asia heeft ons in contact gebracht met de juiste kunstenaars, universiteiten en art professionals in Shanghai. Zonder hun inbreng was het project nooit van de grond gekomen.’

De samenwerking met de kunstenaars in China smaakt voor het Van Abbemuseum naar meer. Maar het wil meer dan een uitwisseling van zijn collectie met die van Chinese musea. De waardevolle ervaringen die zijn opgedaan in China moeten worden vertaald in duurzame projecten voor Eindhoven en de Eindhovenaren. ‘Het hele idee van representatie moeten we laten vallen. Wij gaan op zoek naar verbindingen uit China die we hier kunnen implementeren. Cultuur is een bindmiddel’, licht Erbslöh toe.

Rol Brabant
De provincie zou iemand moeten aanwijzen die de rol kan uitwerken die Brabant wil spelen in de relatie tot Jiangsu, meent Erbslöh. ‘Een combinatie van economische wensen en artistieke wensen geeft Brabant een onderscheidend concept in handen. Een tentoonstelling als Double Infinity draagt bij aan het imago van Brabant bij de Chinezen. En wat ons betreft moet dat zijn, dat Brabant een diverse, open plek is die vragen stelt. Waar je een dialoog kunt aangaan.’

Brabant heeft ook in de ogen van Charles Esche zijn eigen karakter waar de provincie als geheel gebruik van moet maken. ‘Het Van Abbemuseum en John Körmeling werken op een Brabantse, of misschien beter gezegd niet-Randstedelijke manier. Een van de hele sterke punten van Brabant is interdisciplinaire samenwerking. In Eindhoven bijvoorbeeld tussen universiteit, Design Academy, bedrijven en kunstpodia. Wij gaan gemakkelijk met elkaar om. Mensen in China zijn zich ervan bewust dat Brabant bestaat. En dat Brabant anders is dan Nederland. Dat moeten we benutten. Zelf worden we als mens ook rijker van culturele uitwisselingen.’