GESCHIEDENIS Japanse bezetting Het Japanse oorlogsverleden bestaat uit meer dan ‘troostmeisjes’, de seksslavinnen van Japanse militairen in de Tweede Wereldoorlog. Er zijn ook de misdaden van Eenheid 731 in China. Minstens één Nederlander kwam er om, Pieter van Melle uit Rotterdam.

In een ingezonden brief benadrukte Ko Ruijter (NRC, 14 december 2014) dat ‘ook de gruwelijke medische experimenten van Unit 731 niet mogen worden vergeten’. Hij reageerde daarmee op een interview met Japanologe Carol Gluck dat de NRC enkele dagen eerder publiceerde. Ruijter bracht mij op het idee het tragische verhaal van Pieter van Melle uit mijn archief op te diepen. Weinig bekend is dat ook minstens een Nederlander de dood vond in het beruchte Japanse gevangenenkamp in Harbin in het noordoosten van China.

Het was de Chinese oorlogsonderzoeker Jin Chengmin die me in 1995 vertelde over Van Melle. Ik bezocht toen als buitenlands correspondent het museum in Harbin dat is opgericht op het terrein van Eenheid 731. Jin was wetenschappelijk directeur van het Museum van het bewijs van de oorlogsmisdaden van de Japanse militaire Eenheid 731. Hij had documenten uit Russische archieven bestudeerd en voerde een campagne om Japen een schadevergoeding te laten betalen aan slachtoffers van de Japanse experimenten of hun nabestaanden.

Onbeschrijfelijke wreedheden
Japan begaat tijdens de oorlog met China (1937 – 1945) onbeschrijfelijke wreedheden. Ook in het beruchte gevangenenkamp Eenheid 731. Daar worden op grote schaal en in het diepste geheim biologische en bacteriologische wapens ontwikkeld. Japanse artsen voeren er medische proeven uit op zowel mensen als dieren. Gevangenen worden ingespoten met besmettelijke ziekten, zonder verdoving geopereerd en hun ledematen worden blootgesteld aan vrieskou.

Een van de duizenden slachtoffers is de communist Pieter van Melle uit Rotterdam. Zijn levensverhaal is even bizar als noodlottig. Had Van Melle in 1941 in de toekomst kunnen kijken, dan had hij misschien wel de voorkeur gegeven aan executie door de Duitse bezetters, die hem in Rotterdam gevangen hielden wegens illegale praktijken.

Op de valreep weet hij zijn executie in Nederland te ontvluchten. Hij vertrekt naar de Sovjetunie. Maar het noodlot achtervolgt hem: hij wordt gearresteerd door de Russen. Ze verdenken Van Melle in eerste instantie ervan een Duitse spion te zijn. Maar uiteindelijk trekken ze hem toch aan als geheim agent. De Russisch-Chinese grens wordt Van Melle’s werkgebied.

Door Japan in 1940 bezet gebied

Door Japan in 1940 bezet gebied

Het noodlot slaat opnieuw toe als hij zich op Chinees grondgebied begeeft dat door de japanners is bezet. Hij wordt afgevoerd naar kamp Eenheid 731, waar onderzoek wordt gedaan voor bacteriologische oorlogsvoering. Van Melle komt daar onder gruwelijke omstandigheden aan zijn einde.

Sporen uitgewist
Kort voor hun capitulatie in augustus 1945 laten de Japanse soldaten van Eenheid 731 alle dieren los waarmee ze hebben geëxperimenteerd. Naast paarden, kamelen en apen rennen duizenden met builenpest besmette ratten de vrijheid in. Gevangenen worden vergiftigd en verbrand en alle gebouwen worden opgeblazen om de sporen van hun misdaden uit te wissen.

Overigens is Jin Chengmin nog steeds directeur van het museum in Harbin als de Chinese overheid in 2014 de renovatie van het museum aankondigt. Het gerenoveerde museum opent in augustus 2015 zijn deuren weer voor het publiek. Als onderdeel van de herdenking dat het 70 jaar geleden is dat, in de woorden van de Chinese autoriteiten: ‘China als overwinnaar uit de anti-Japanse oorlog kwam’.